Na het huis (nr 30) op de hoek van de Visserskade staan langs de Bleeke Kil nog een paar huizen (huisnummers 32-50). In het begin van de negentiende eeuw waren deze percelen eigendom van drie Van der Pluijms. De percelen met het eerste huis na de hoek was het begin van de latere huisnummers 32-40.
In de eerste opgave van het kadaster in het begin van de negentiende eeuw wordt de visser Teunis Teunisse van der Pluijm gemeld als eigenaar van de percelen F16 en 17 (boomgaard en erve). Hij heeft elders ook nog 8 bunders bouw- en weiland.
Teunis is getrouwd met Adriana Lensvelt. Hij is een zoon van van Teunis Teunisse en Cornelia Johannes van der Pluijm (zie huisnr 16-24). Hebben zij hier ook gewoond? Teunis is de oudere broer van Gerrit van der Pluijm, wiens zoon op huisnr 10 woont.
Gezin van Teunis Teunisse van der Pluijm en Adriana Lensvelt
Minuutplan (eerste kadasterkaart) van begin 19e eeuw
In 1858 koopt Leonardus van der Pluijm deze percelen F16 en F17. Ondertussen is er sprake van een boomgaard, huís en erve. Het kadaster spreekt vervolgens van een 'verbetering'. Wat er verbeterd wordt, is niet duidelijk. In ieder geval koopt hij er in de loop van de tijd een stuk grond aan de Bleek van de Zuidhollandse Polder bij.
In het bevolkingsregister van vóór 1890 staat Wilhelmina Collot als zijn weduwe hier (op C145) nog ingeschreven. Leonardus is in 1874 overleden.
In 1866 splitst Leonardus van der Pluijm zijn percelen op de Visserskade in drie delen:
Huisnr 32-34: Leonardus en Wilhelmina blijven zelf in het bestaande huis wonen.
Huisnr 36-38: Nadat naast het huis van Leonardus en Wilhelmina een nieuw huis is gebouwd, wordt dat met een stuk grond verkocht aan Simon van der Pluijm. Nakijken in hyp.register.
Huisnr 40: Hij verkoopt een stuk grond aan Hendrikus van Balkom en Catharina Prinsen. Bouwen zij hier het kleine huisje?