In 1870 zijn alle percelen van de in juli 1869 overleden Willem Andries eigendom van de Zuid-Hollandse Polder. Het deel van de grond waar nu nummer 50 op staat, wordt in erfpacht gegeven aan de landbouwer Leonardus (Narris) Johannes van der Pluijm (zie ook huisnr 1-3). De rest blijft in handen van de dan nog ongehuwde zonen van Willem Andries van der Pluijm: Andries en Willem.
Na de dood van Willem Andries en de splitsing van de percelen, blijft het deel van het perceel met het huis van de oude Willem erop in de familie. Zonen Andries en Willem worden de eigenaren. In het kadaster is te zien dat het al in 1874 eigendom wordt van jongste zoon Willem alleen. Vóór 1890 staan Willem van der Pluijm en zijn vrouw Petronella van der Pluijm dan ook al als bewoners van het (hele) huis in het bevolkingsregister. Zij blijven hier echter niet wonen.
Gezin van Willem van der Pluijm en Petronella van der Pluijm
20 november 1886 notaris Verberne: Willem Willemszoon van der Pluijm, visser te Dussen, leende van Christianus Nefkens, koopman te Dussen, 950 gulden tegen 5% en stelde tot hypotheek het erfpachtsrecht van een huis, wilgenbosch en tuin in de ZH polder F12, 344 en 348. Dit zijn de percelen waarop huisnr 46-48 staat.
In 1888 verkoopt Willem het huis aan de latere echtgenoot van zijn nichtje Maria de Meijer, Christiaan Nefkens. Misschien moest hij het verkopen vanwege de hypotheek die hij bij Nefkens had afgesloten? het lijkt erop dat hij er vervolgens toch nog een aantal jaren is blijven wonen. Het gezin vertrekt in 1895 naar Schiedam.
Verhuurt Christiaan Nefkens (een deel van) het huis aan Adriaan van Dinteren en Johanna Maria van der Pluijm? Zij worden in het bevolkingsregister van deze tijd als bewoners van C179 (huisnr 48) genoemd. Adriaan van der Pluijm, de vader van Johanna woont bij hen in. Daarvoor woonden zij op de Buitendijk. Ook staat in dit bevolkingsregister het kinderrijke, Nederlands Hervormde gezin Sanner-Vrijburg genoemd op C178 (huisnr 46).
Seesink noemt een bron die meldt dat Christiaan een venter is en een ezel heeft. In het kadaster staat bij zijn beroep: vrachtrijder en winkelier. Later noemt hij zichzelf koopman.
In januari 1880 is hij, dan 28 jaar oud, met de 45 jarige Alida getrouwd. Zij sterft in augustus 1903. Drie maanden later treedt Christiaan in het huwelijk met Maria de Meijer. Zij zijn dan beiden in de vijftig. Hij is dan al eigenaar van het huis.
In 1904 wordt het pand in twee woningen gesplitst en een aantal jaar daarna verkocht als huisnr 46 en huisnr 48.
In 1904 wordt het huis gesplitst. Nefkens sterft in 1906 waarna het huis eigendom wordt van zijn weduwe, Maria de Meijer. Zij zal dan nog twee keer in het huwelijk treden. In mei 1907 trouwt zij met de tijman Willem Hoek uit Bergen op Zoom. Het gesplitste huis wordt dan verkocht aan twee verschillende gezinnen